EU-richtlijnen

Flessenpost van Nauticlink juni 2017


 

EU-richtlijnen voor dieselmotoren van plezierjachten te ingewikkeld voor handhaving
“Het is een zooitje”, verzucht de man. Hij is ondernemer in merk-scheepsdiesels. “Wie zich aan de regels houdt, wordt links en rechts ingehaald door ‘handige partijen’, die creatief omgaan met de ingewikkelde regelgeving (of deze helemaal aan hun laars lappen) en allerhande scheepsdieseltjes op de markt dumpen. Soms gedwongen door de gewijzigde regels om hun eigen faillissement te voorkomen. En als er nu gehandhaafd werd….”Wie zich op dit moment een beetje verdiept in de wereld van de kleine dieselmotoren voor plezierjachten, ziet snel de zwarte wolken die erboven hangen. Dieselmotoren in boten, moeten voldoen aan de Wet Pleziervaartuigen 2016 gebaseerd op de complexe Europese emissienormen vastgesteld in 2013. De eerdere bepalingen en normen (Richtlijn 94/25/EG en 2003/44/EG) zijn in 2013 herschreven en staan te boek als Richtlijn 2013/53/EU (ook wel RCD-2). Producten die aan de eerdere eisen voldoen mochten tot 18 januari 2017 in de handel worden gebracht (voor bepaalde buitenboordmotoren geldt 18 januari 2020). Richtlijn 94/25/EG was eigenlijk al ingetrokken sinds 18 januari 2016, afgelopen jaar was een overgangsjaar. Je kunt dus niet zeggen, dat de industrie en handel verrast kunnen zijn door de maatregel.Maar de praktijk is weerbarstig. En de regelgeving complex. De HISWA Vereniging heeft ‘gezien alle vragen’ ter verduidelijking al in juli 2016 een algemeen bericht over alle mogelijke boot-motorcombinaties gepubliceerd. Deze wierp op haar beurt weer zoveel – vaak – merkgebonden vragen op, dat groothandel Allpa op 15 februari jl een aparte brief heeft doen uitgaan om de specifieke situatie rond haar Solé scheepsdieselmotoren per model te verduidelijken. Het is een ratjetoe van grijze gebieden en regels. Deze houden weinig rekening met de praktijk van zowel de ondernemer met zijn voorraad, als met het gedrag van de consument, die toe is aan een nieuwe motor, die misschien maar enkele tientallen uren per jaar zal draaien. Een goedkope ‘foute motor’ kopen, die een half jaar geleden nog aan alle eisen voldeed, zal weinig schuldgevoel ten opzichte van het milieu opleveren. Eerder het gevoel van ‘handig geregeld’.

Voorraden kunnen tenslotte altijd wel eens langer blijven staan, dan gehoopt en de bedoeling was. Een paar jaar geleden kon het nog wel eens interessant lijken om te investeren in een partijtje Indiase of Chinese dieselmotoren. Maar als de watersportmarkt het dan toch weer laat afweten, ben je als ondernemer wel met de gebakken diesels komen te zitten. Dan kun je je verlies nemen, of ze alsnog proberen te verkopen. Maar in het laatste geval bega je sinds 18 januari met dieselmotoren zonder geldige CE-markering wel een ‘economisch delict‘. En dat levert zo maar een strafblad op. Als fabrikant of importeur moet je zelf zorgen dat je handelswaar de juiste CE-markeringssticker opgeplakt krijgt. In Nederland valt de Wet Pleziervaartuigen onder het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Die heeft de uitvoer en naleving uitbesteed aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILenT). Op haar beurt heeft deze in Nederland drie bedrijven aangewezen die pleziervaartuigen en hun motoren mogen keuren om CE-markeringen te verstrekken.

Maar als je nu met die ‘verouderde’ motoren (zelfs al hebben ze nog nooit gedraaid) in je maag zit, kun je ze volgens Europese wetgeving ook elders in Europa laten keuren. Daar waar – laten we het voorzichtig zeggen – zaken soms wel eens minder strict en strak worden geregeld, dan in Noordwest-Europa. Wat hierbij niet helpt, is dat volgens de uitlaatemissievoorschriften van de 2013/53/EU richtlijn de nieuwe dieselmotor sinds januari aan zoveel eisen moet voldoen (onderaan in de bijlagen), dat er gemakkelijk wel eens iets over het hoofd kan worden gezien… Bovendien schijnt de ILenT z’n handen al vol te hebben aan handhaving in andere markten. Voor de pleziervaartuigen zou de handhaving volgens de ‘niet-frauduleuze’ ondernemer dan ook wel eens wat strakker mogen. Of eigenlijk veel strakker, want nu lijken maar weinig overtreders er iets van te merken.

Voorlopig zal de uitvoer en handhaving van Wet Pleziervaartuigen 2016 vast een probleem blijven. Als handhaving met een paar automerken en scooters al niet goed lukt, dan zal het met de kleine scheepsdiesels nog veel minder slagen. In verhouding tot andere segmenten is de watersportmarkt natuurlijk ook maar klein. Komt bij dat veel merken wel een goedgekeurd motorblok hebben (vaak nog van dezelfde fabrikant ook, Mitsubishi of Kubota), maar de rest van de motor grondig verschilt. “Dan komt er een container dieseltjes uit het Verre Oosten, waarop ze goedgekeurde filters draaien, en wordt de boel zo verkocht,” beweert een verkoper van dieselmotoren, die al jaren in het vak zit. “Buiten het zicht van de handhaving om. De consument denkt dat alles klopt, maar in werkelijkheid is het een rommeltje. Sommigen maken daar bewust misbruik van.”
Met vriendelijke groet,

Bert Kuijpers,
schipper van Nauticlink

 

 


Van Windsurfer, Kiter, en Windturbine-bouwer Naar ‘Watersporttechnoloog’
Uitvinder Test In Amsterdamse Gracht Jetfoiler En Politie


 

Wie het filmpje voor het eerst ziet (er staat een volledige versie op Vimeo), denkt dat het nep is. Maar nee, het is echt: Don Montague, voormalig windsurfer en destijds rechterhand van de befaamde surfprof Robby Naish, surft op z’n Jetfoiler boven het water door – nee óver – de Amsterdamse grachten. In de hoogtij dagen van de windsurfsport was Montague ook al zo nu en dan in Amsterdam te vinden. Na zijn verblijf als zeilontwerper voor Gaastra op Hawaii, waar hij ook het kiteboard mede-ontwikkelde (Montague wordt zelfs wel eens de uitvinder van het kiteboard genoemd), belandde de Canadees in San Francisco. Daar leerde hij in de kite en windsurf scene het Google duo Larry Page en Sergey Brin kennen. Dat hielp om zijn bedrijf Makani Power, waarvan hij één van de oprichters was, aan Google [X] te verkopen. Makani Power bouwt windturbines in de vorm van ‘energiemasten’ waaraan kites aan lange kabels cirkelen als alternatief voor rotorbladen. Doordat de wind op grotere hoogte sterker en constanter is, valt daar meer rendement te behalen. Bovendien zijn kites goedkoper dan rotorwieken. Sinds de verkoop is Montague terug op het water en druk met Kai Concepts, dat ‘watersporttechnologie‘ ontwikkelt. Hieronder valt de kiteboat, maar ook deze wonderbaarlijke Jetfoiler. O ja, schijnt dat een beetje kunnen surfen wel helpt om dit na te doen…
 


Teambuilden Tot Het Gaatje
De Trend Van Extreme Roei-ervaringen


 

Je collega’s een dagje laten teambuilden is een populaire strategie onder gemiddelde managers. Zeilend-aanbod zat, al dan niet begeleid door begenadigde groeps-goeroes. Nogal eens heeft men elkaar na zo’n bedrijfsuitje ‘toch beter leren kennen’, maar gaat het leven de volgende dag gewoon weer op de oude voet verder. Of dat na deze roeisessies ook zo is, valt te betwijfelen. Een ‘attitude wijziging’ voor het leven is niet uitgesloten. Daarbij zou het kunnen gebeuren, dat er na deze oefening naar nieuw personeel gezocht moet worden. De organisatie Shoreseeker heeft namelijk echte ‘ocean rowing boats’ laten bouwen om de gegadigden eens lekker af te matten. Er zijn komende zomer een vijftal sessies aan de Engelse-zuidkust, Wales en Schotland. Even wat anders dan een ‘luie hei-sessie’. Je kunt vanaf een halve dag roeien (ongeveer 120 euro) tot deelnemen aan twee tot driedaagse tochten inclusief trainingen (tot 1000 euro). De laatste kunnen ook fungeren als opmaat voor de Middellandse Zee-expedities in 2018 van Shoreseeker (zo’n 2900 euro). Overigens zou u deze kennismakings-ervaring ook kunnen gebruiken, om een heuse Atlantische oversteek met de befaamde oceaanroeier Ralph Tuijn te maken in december 2017 (of 2018 voor het geval u wat langer wilt trainen). Individueel of ‘met de hele afdeling’ (maximaal zes personen). Moet u uitgaan van een dag of 50 lekker doorroeien. Kost wel zo’n 13.000 euro per persoon. Waarschijnlijk houdt uw bedrijf het liever bij het bestaande team….
 


Varende Herinnering Aan Het Verleden Van Kolhorn
Onbekend Vissersdorp Aan De Zuiderzee


 

Moeilijk voor te stellen. Nu ligt het Noord-Hollandse Kolhorn midden tussen IJsselmeer en Noordzee. Maar tot de inpoldering van de Wieringermeer, die in 1930 droogviel, had Kolhorn nog een open verbinding met de Zuiderzee. Een bijzonder zeegebied dat sinds de tweede helft van de 19de eeuw kon bogen op een rijke populatie ansjovis, een klein soort haring. Plaatselijke vissers konden met hun speciale ansjovisboten (in feite Staverse jollen) zo goed de kost verdienen, dat het dorp over een omvangrijke vissersvloot beschikte. Deze werd aan het begin van de zomer nog versterkt door groenteschippers uit Broek op Langedijk, die wat kwamen bijverdienen. In 1999 hebben Kolhorners het idee opgevat, dat er toch minstens nog één zo’n ansjovisboot te vinden moest zijn om het historisch besef van het voormalig Zuiderzee-plaatsje te verlevendigen. Dat viel niet mee. Pas na een jaar zoeken vond Hans Evenhuis de voormalige KH44 Jansje Johanna, in de vaart gekomen in 1900 met als schipper en eigenaar Pieter Bood IJz. Een ijzeren jol gebouwd op de werf W.F. Stoel & Zoon in Alkmaar. Afgelopen maart heeft de KH44 op de museale schuitenhelling in Broek op Langedijk gelegen voor onderhoud, maar sinds deze maand kunnen geïnteresseerden in dit stukje visserij- en maritieme geschiedenis met de ‘Stavorensche Bomboot’ KH44 weer elke zondag een tochtje maken op het Kolhornerdiep.
 


Vakantie-Idee: Het Is Weer Hassailt-Jaar!
180 Boten, En Wel 80.000 Burgers En Buitenlui


 

Bijna vijf jaar lang lijdt de website van Hassailt een kommervol bestaan. Maar dan is-ie plotseling weer actueel met het volgende vijfjaarlijkse evenement. Het gaat hier om een grootschalige samenkomst van historische voormalige bedrijfsvaartuigen (wel tot 180 stuks), die afmeren bij de even historische kalkovens en aan de kade van het Zwartewater, de vroegere levensader van het stadje. Het evenement trekt bovengemiddelde bezoekersaantallen. Zo trok Hassailt 2012 maar even 80.000 bezoekers. Moet ook dit jaar weer gebeuren. Dankzij de nautische roots van de regio, de lage frequentie, en de oude ambachten-activiteiten rond de oude schepen, zoals demonstraties hoe vroeger werd geladen en gelost. Maar uiteraard ook dankzij het muziekprogramma, het straattheater en de markt voor ambulante handel op de Hassailt-zaterdag. Hassailt in de oude Overijsselse Hanzestad Hasselt vindt plaats van 27 tot en met 30 juli.
 


Buitenkans Voor Verenigingen en Zeilscholen
Optimale Optimisten Voor Een Prikkie


 

Wie wil investeren in de toekomst, investeert in de jeugd. En 799,00 euro (exclusief BTW) moet voor menig zeilschool of watersportvereniging toch wel op te brengen zijn. Het betreft namelijk de prijs van een complete polyethyleen Optimist, waarvan er al meer dan 10.000 zijn verkocht. Dus gegarandeerd zonder kinderziektes en oersolide. Het hoge aantal geproduceerde en verkochte exemplaren van dit bootje is ook de reden dat het ‘voor weinig‘ kan. Door internationaal niets anders dan alleen deze optimisten te verhandelen laat het Nederlandse World Wide Sailing in Leerdam naar eigen zeggen ‘de wereld zeilen voor een prikkie’ met de sterkste trainingsoptimist die er is. Op alle punten versterkt, waar andere bootjes wel eens problemen vertonen. Van mastdoft tot bevestigingspunten voor de schootblokken. Er passen verschillende roersystemen op en het bootje is een handige handgreep rijk. De zelflozende romp is leverbaar in zes, het zeiltje in wel dertig kleuren… En voor toekomstige reders van een hele vloot zijn ze optimaal stapelbaar en te voorzien van een eigen logo. Waar? Gewoon bij World Wide Sailor. Kan al vanaf één exemplaar.
 


Francis Joyon Laat Trofee Zweven
De Magnetische Gimmick Van Het Jules Verne Plastiek


 

Afgelopen 27 april heeft Francis Joyon met zijn team in het Parijse Musée de la Marine de begeerde Jules Verne trophée voor de snelste wereldomzeiling in de geschiedenis in ontvangst mogen nemen. Nu is die prestatie in 40 dagen wel genoegzaam beschreven, maar minder bekend is hoe de aparte ‘zwevende’ trofee tot stand is gekomen. De onderscheiding komt voort uit een in 1991 in het leven geroepen stichting van de Franse zeezeilers Florence Arthaud (winnares van de Route du Rhum 1990 en in 2015 om het leven gekomen tijdens een heli-crash voor een tv-spelletje…) en Titouan Lamazou (1990 Vendée Globe-winnaar). De eerste zeiler die een tijd zette (79 dagen, april 1993) was Bruno Peyron (3x). Volgden Peter Blake, Robin Knox-Johnston, Olivier de Kersauson (2x), Franck Cammas, Loïck Peyron en nu dan Francis Joyon in respectievelijk 71, 64, 63, 50, 48, 45 en 40 dagen en 23 uur. De trofee zelf is ontworpen door de Amerikaanse beeldhouwer Thomas Shannon. Het beeld is een gestileerde strakke glimmende romp van een zeilschip dat letterlijk zweeft boven een magnetisch veld. De kromme lijnen zijn mede bepaald door de banen van de zon, maan en aarde, die met z’n drieën op zee de getijden bepalen. De lengte is gelijk aan die van een mens met gestrekte armen (2,00 meter). Dus een giga-trofee vol symboliek. Een nieuwe winnaar mag tijdens een plechtige ceremonie de romp opnieuw binnen het magnetische veld plaatsen. ‘Zodat de boot weer blijft zweven tot het volgende record…’ De Trophée Jules Verne wordt beheerd door het Franse Musée Nationale de la Marine en behoort tot de collectie van het Centre National des Arts Plastiques.
 


60 Jaar Geleden Bouwde Henri Jeanneau Een Racebootje
Op De Golven Van De Tijd Uitgegroeid Tot Een Wereldmerk


 

Bij gevestigde merken denk je vaak aan het groot kapitaal en investeringsvehikels. En sinds 1995 is dat voor Jeanneau ook het geval: Jeanneau behoort tot de Groupe Beneteau. Toch is het merk met weinig geld begonnen in de knutselhoek van Henri Jeanneau, die in 1957 achter de ijzerwinkel van zijn ouders in Les Herbiers – niet ver van Les Sables d’Olonne – een houten racebootje bouwde. De jonge Fransman had zich ingeschreven voor de ‘6 uur van Parijs’. Een vluchtige koppositie motiveerde hem genoeg om van zijn hobby z’n werk te maken en in 1958 bouwde hij zijn eerste polyester romp met een ‘riva-achtig’ ontwerp. Polyester was in die dagen een nieuw revolutionair materiaal, dat zich nog moest bewijzen. In 1963 zette Henri zijn eerste serieproductielijn op voor een motorbootje, dat hij ‘Sea Bird’ noemde. Volgde in 1964 het eerste zeilbootje ‘Alizé’, dat mede dankzij de exploderende economie van de wederopbouw een groot succes werd. De rest is geschiedenis, die zich overigens nog steeds vanuit hetzelfde Herbiers verder ontwikkelt. Er werken nu dik 1000 mensen bijJeanneau met wereldwijd 300 importeurs. Allemaal dankzij het racebootje van Henri en zijn startup 60 jaar geleden….
 


Megajachten In Alle Eenvoud
Hoe Hakvoort Shipyards Met Ruimte Woekert


 

Nederland staat wereldwijd nog steeds hoog op de lijst van superjachtbouwers. Als het in 2016 gaat om de waarde – dus niet om de lengte of het aantal – zelfs op de eerste plaats (927 miljoen euro voor achtien afgeleverde jumbo’s van dertig meter en meer). In de pers gaat het dan al snel over de bekende namen Feadship, Vitters, Amels, Heessen, of Huisman. Er zijn echter nog meer bouwers van dit soort juweeltjes, die minder bekendheid genieten, maar wel degelijk hun aandeel in het succes hebben. Eén van de aardigste is Hakvoort Shipyard in hartje Monnickendam. Wie daar komt heeft dankzij de hoge hallen niet veel moeite de werf te vinden. De ingang heeft in tegenstelling tot de boten weinig glamorous. De site is echter alleen in het Engels of Russisch. Dat zegt genoeg over de ‘down to earth spirit’. Ze doen hier niet gekker dan nodig is. De afkomst wordt niet verloochend. Want deze bouwer van zeer luxe jachten vindt zijn ontstaan in de geschiedenis van de Zuiderzee-visserij, toen Albert Klzn Hakvoort in 1919 een oude werf (met roots tot in 1780) kocht om er onder meer botters te hellingen. En sindsdien is de werf nog altijd in familiehanden door steeds over te gaan van vader op zoon. Eén van Hakvoort’s geheimen is het in eigen bezit hebben van het timmerbedrijf Unlimited Interiors in Purmerend, zodat de bouw van het interieur optimaal kan worden uitgevoerd en gemanaged. Ook ontwikkelde de werf met Moran Yacht & Ship een ‘semi custom’-jacht van 55 meter, een formule die nogal opgang doet in de wereld van superjachtbouwers. Voordelen zijn een relatief lagere prijs en snellere levering. Op dit moment bouwt Hakvoort Shipyards met zon 90 man personeel aan twee superjachten: één van 68, en één van 63 meter. Dankzij de uitbreiding van de Noordloods zeven meter het water in zo’n vijf jaar terug. Genoeg voor de volgende generaties? Dat blijft de vraag. Met het masterplan voor 2020 (PDF) op de huidige lokatie liep de werf in 2013 al tegen de lokale grenzen van de groei aan.
 


De ‘Vuurlinie’ Als Ultiem Marketing Object
Hollandser Kan Het Niet


 

Het beeld is niet nieuw, de toepassing wel. Sinds een jaar of wat varen er drijvende huisjes door Nederland. Eerder als recreatieverblijf ‘zonder bouwvergunning’ dan als boot. Maakt niet uit, het is en blijft leuk, en een vervreemdend beeld opleveren. In Weesp hebben ze dat goed begrepen en er een Weesp Marketing instrument van gemaakt. Ellick Keeven is schipper-vrijwilliger: “Ook al is het een motorboot, mijn zeilervaring komt me wel goed van pas. De boot vangt vanwege zijn vorm snel wind en is dan wat lastiger te besturen. Ik heb in het begin wel even moeten wennen, maar nu gaat het prima.” En ja, het bewijs: het werkt! De eyecatcher functioneert zomers als varend informatiehuis over wonen, werken en recreëren in het stadje aan de Vecht. Het huisje is een vrijwilligersproject, dat er net zo uitziet als de houten huizen, die daar langs het water staan. Die moesten rond vestingwerken – hier de Hollandse Waterlinie – in de 19de eeuw van hout en brandbaar materiaal zijn, om in tijden van oorlog het schootsveld snel vrij te kunnen maken. Tegen deze achtergrond levert het geheel onder de bootnaam Vuurlinie helemaal een ‘historisch Hollands-plaatje’ op. De ‘Vuurlinie’ maakt ook rondvaarten en is te huur voor presentaties en vergaderingen.
 


Op De Valreep: Niet Met Één Boot…,
Maar Met Twee Tegelijk De Wereld Rond!


 

Nooit gedacht dat we dit nog eens zouden schrijven. Erik Kiekens (57), zijn zoon Wouter (20, Yachtman en RYA Yachtmaster Ocean), en Erik’s zus Karina (52) gaan in drie jaar de wereld rond met twee boten tegelijk. Met de Beneteau 57 ‘Le Grand Bleu’ en de Dufour 45 Classic ‘Dr No’. Het blijkt een financiële overweging om de droom van het vertrekken als bedrijf aan te pakken. Zo stonden ze ook als ondernemers op de Belgian Boat Show, waar ze veel aandacht kregen. Dertig jaar lang heeft Erik gemijmerd over een wereldomzeiling. Dit was voor hem het moment en de oplossing. Volgens hun berekeningen zou alleen zo’n varend vakantiedorp van twee boten met betalende gasten genoeg opleveren om de wereldomzeiling te financieren. ‘Le Grand Bleu’ is dus in alle opzichten een hele onderneming! Een avontuur waarvoor Karina haar huis heeft verkocht. En over avontuur gesproken: ‘Le Grand Bleu’ ligt al in Griekenland, ‘Dr. No’ nog in Oostende. Als we dit bericht mogen geloven, zou de laatste voorzien zijn van een bijzondere schaaldierafval-antifouling ontwikkeld door de Universiteit van Gent. Een project dat zich in een experimentele testfase bevindt. Ook al interessant. Om zelf betaald mee te zeilen of in elk geval om te volgen dus, dit drietal ondernemers van Le Grand Bleu.